3 maart 1995
Mijn Heer?
Ik Ben; vrede zij met je, Mijn kind;
luister naar Mij: in jouw nietigheid kan Ik wonderen doen, pas je dus aan Mijn voorschriften aan en vergeet nooit hoe Ik werk; bewaar Mij in je hart en je zult Mijn Vrede verkrijgen; vergeet nooit wat Ik je gisteren heb gezegd! stel Mij op de eerste plaats, en geef Mij wat van jouw tijd om door te gaan Mijn Boodschappen op te schrijven; behaag Mij en grif Mijn Naam in je hart; Ik ben je Bruidegom en Mijn Naam zou geëerd moeten worden;
laat iedereen om je heen die ook werkt voor Mijn Liefdeshymne zich tegenover jou gedragen alsof je niet meer bij hen1 was; de vrucht van jouw arbeid zou zich in hun handen2 moeten vermeerderen; Ik, Jezus, ben met je; stel Mij, Mijn Vassula, voor en boven alles in de wereld zodat je ballingschap je niet zo hard zal voorkomen als nu; haast je, Mijn kind, en begrijp hoe kostbaar en hoe dierbaar je Mij bent; Ik ben je Vriend en Ik sla je gade met liefde en medelijden; Ik zal je nooit in de steek laten; behandel Mij teder door Mijn Oproepen te beantwoorden met enthousiasme en van ganser harte; Ik bemin je, Vassula, en Ik, Ik zal je nooit loslaten; Ik zal je sterken, Stad van Mij, met Mijn Geest;
kom nu en maak het kruisteken …3 goed; kom nu;
