30 september 1991 

Ik dank Uw Naam
voor Uw Liefde en Barmhartigheid;
hoewel ik leef in een oord
waar ik ben omringd door vervolgers,
valse getuigen en mishandeling,
U houdt mij in leven en op de been.
U vult mijn tafel,
en als een allertederste moeder
voedt U mij met Uw eigen Hand.
O Heer, heb medelijden met mij,
soms heb ik  zorgen, meer dan ik kan verdragen,
en als ik U niet bij mij had
zou het met me gedaan zijn!
Ik wil een volledige vrede onder broeders. 

Ik zeg vrede zij met je! sta op en roep Mijn dienaar!1 Ik ben de Heer van de Vrede, niet van onenigheid, Ik heb je Mijn Hart aangeboden; laat niemand bedrogen worden; van hen die te lang wrok koesteren zal Ik Mijn Hart terug nemen en alle gunsten die Ik hun zo edelmoedig heb aangeboden; tenzij Mijn dienaar samenwerkt in liefde en ophoudt te broeden over deze zonde, zeg Ik je dat Ik al Mijn gunsten zal terugnemen: richt je gedrag nooit naar degene die verdeelt;

Ik geef je een Schat van Eenheid die zo breekbaar is; leer deze Schat te beschermen; 

(Later:) 

Jezus? 

Ik Ben;

kleintje, door Mij verzadigd, je zult Mij niet teleurstellen; aan je zijde Ik Ben en zal daar altijd zijn; zegen Mij voor degenen die dat nooit doen; openbaar Mij zonder vrees, zonder twijfel en de hel zal niet zegevieren; liefkoos Mij, ja, kijk Mij aan en zeg: “Jezus, ik bemin U; U bent mijn Leven, mijn glimlach, mijn hoop, mijn vreugde, mijn alles; wees gezegend;”

kom, rust in Mijn Hart en sta Mij toe te rusten in het jouwe;


1 Boodschap voor een bepaalde persoon.