29 december 1986
dochter, kijk naar Mij;1 waarom vind je het zo moeilijk te geloven dat Ik het ben?
(Ik zweeg en sloeg mijn ogen neer, bijna peinzend zoals wanneer een kind betrapt wordt op iets verkeerds.)
Ik, Jahweh, heb je dit gevraagd;
Werp één blik op mij en U zult begrijpen waarom, mijn Heer. Ik ben hulpeloos en ellendig. Uw genereuze gave aan mij gaat mijn begrip te boven. U vertrouwt mij zoveel toe, maar ik ben radeloos, sprakeloos en ik heb Uw hulp nodig! 2
bid tot Mij, roep Mij en je zult Mijn hulp ontvangen; leef in Mij; Ik ben jouw God; op een dag, en die dag is nabij, zul je volledig begrijpen wat je als taak is opgedragen; nu sta je nog aan het begin van Mijn Roeping en Ik heb je geroepen om voor Mij te werken; onthoud dat Ik, God, jouw Leraar ben en dat Ik in staat ben Mijn doelen te bereiken; aanvaard Mijn roepingen en Mijn bezoeken aan jou totdat Ik kom om je te bevrijden; aanvaard Mijn adoptie en leef in Vrede, want Ik bemin je; voel je vrij3 met Mij en vertrouw op Mij;
geloof Mij, dochter, wanneer Ik zeg dat je zwak bent; Ik kan deze zwakheid gebruiken om Mijn Macht en Mijn Autoriteit te tonen; Ik heb behagen in jou … Ik, Jahweh Sabaoth, zal jou en anderen door deze Oproepen helpen om heilig te leven; je groeit nu in Mijn Voorhovens, wees blij! Ik zeg je, Mijn Boodschappen zullen jullie eraan herinneren hoe jullie fundamenten begonnen zijn, dat Mijn Woord levend is, ze zullen jullie nieuw leven inblazen; ze zijn heilig zoals Ik heilig ben; dochter, later zul je Mijn reddende hulp volledig begrijpen; je zult niet verpletterd worden; laat je hoop altijd op Mij gevestigd zijn; laat de vijandigheid van mensen je niet ontmoedigen; je bent in Mijn Hart, wees dus niet bang voor het vlees; 4
